Het is misschien niet het meest sexy onderwerp, maar wel uitermate belangrijk: kwaliteitsstandaarden in de ggz. Ze slaan een brug tussen wetenschap en praktijk met als doel het beste resultaat voor cliënten met psychische klachten. Alle zorgverleners in de ggz worden dan ook geacht volgens deze standaarden te werken. In de praktijk is dat echter lang niet altijd het geval. Ruim een derde1 van de zorgprofessionals blijkt zelfs helemaal niet of slechts ‘een beetje’ bekend met zorgstandaarden. En wat is nou ook alweer het verschil met richtlijnen? Dit keer in dossier Richtlijnen: een stoomcursus kwaliteitsstandaarden aan de hand van vijf vragen.
- Richtlijn of zorgstandaard: wat is het verschil?
- Bevatten kwaliteitsstandaarden regels waar ik me aan moét houden?
- Wat als een zorgstandaard en richtlijn niet overeenstemmen?
- Is goede zorg ook verzekerde zorg?
- Gelden protocollaire behandelboeken als richtlijn voor therapeuten?
1. Richtlijn of zorgstandaard: wat is het verschil?
Richtlijnen zijn voornamelijk gericht op professionals: ze bevatten vakinhoudelijke aanbevelingen voor goede diagnostiek en behandeling. Die aanbevelingen zijn gebaseerd op het best beschikbare wetenschappelijke bewijs en afwegingen door professionals, cliënten en naasten. De ggz is een multidisciplinair veld. Zorgprofessionals van verschillende disciplines werken dan ook samen om Multidisciplinaire Richtlijnen (MDR’s) te ontwikkelen en onderhouden. Denk bijvoorbeeld aan de MDR Depressie en de MDR Angst- en dwangstoornissen die recent zijn herzien (zie het dossier Richtlijnen in VGCt Magazine #2 2024).
Zorgstandaarden (ook wel: GGZ Standaarden) zoals de Zorgstandaard Depressieve Stoornissen beschrijven álle fasen van het zorgproces waar een cliënt mee te maken kan krijgen. Dat loopt van vroege herkenning en preventie naar diagnostiek en behandeling tot re-integratie. Voor elke behandelfase bevatten ze specifieke aandachtspunten en praktische handvatten voor de professional. Ook bevatten ze aanbevelingen over hoe de zorg het beste georganiseerd kan worden. Een zorgstandaard beschrijft dus wat zorginhoudelijk én procesmatig goede zorg is voor mensen met een bepaalde aandoening. Zo weten cliënten wat ze mogen verwachten van de zorg en professionals waar deze minimaal aan moet voldoen.
Naast stoornisspecifieke zorgstandaarden zijn er ook GGZ Standaarden gericht op bepaalde doelgroepen en overkoepelende thema’s2. Zo verschijnt binnenkort de Zorgstandaard Psychische stoornissen en een laag IQ, vol met tips en handreikingen voor deze doelgroep. De nieuwe Zorgstandaard Digitale zorg geeft op haar beurt zorgprofessionals, cliënten, naasten en ggz-organisaties handvatten om digitale zorg in de praktijk toe te passen.
De multidisciplinaire richtlijnen vind je in de richtlijnendatabase van de Federatie Medisch Specialisten. Op ggzstandaarden.nl van Akwa GGZ vind je naast de uitgebreide zorgstandaarden ook hulpmiddelen om ze snel te leren kennen zoals schematische weergaves en A4-tjes met kernaanbevelingen. Ook zijn er online keuzehulpen die professionals en cliënten een concreet en specifiek behandeladvies geven, gebaseerd op de inhoud van de zorgstandaard. Van veel zorgstandaarden staat ook een patiëntenversie in heldere en begrijpelijke taal op thuisarts.nl.
2. Bevatten kwaliteitsstandaarden regels waar ik me aan moét houden?
Iedere zorgprofessional in de ggz werkt volgens de professionele standaard die voor zijn of haar beroepsgroep geldt. Daar maken richtlijnen en zorgstandaarden (naast de geldende beroepscode) deel van uit. Kwaliteitstandaarden documenteren het gebruikelijk handelen voor de professional. Mede daardoor hebben ze een juridische betekenis3. In geval van een klacht toetst de tuchtrechter bijvoorbeeld het handelen en de gedragingen van de zorgprofessional aan de geldende kwaliteitsstandaarden en beroepscode. Aanbevelingen in richtlijnen en zorgstandaarden zijn echter geen wetten of juridisch dwingende voorschriften. Hier geldt het principe ‘pas toe of leg uit’. Dat betekent dat je – in overleg met je cliënt – mag afwijken van de aanbevelingen, zolang je dat goed kunt onderbouwen. Kortom: geen regels, maar richting.
De multidisciplinaire richtlijnen en zorgstandaarden zijn belangrijke kwaliteitstandaarden in de ggz, maar niet de enige. Er zijn ook aanvullende kwaliteitsstandaarden voor specifieke beroepsgroepen (zoals verpleegkundigen) en bepaalde doelgroepen (zoals kind en jeugd). Je beroepsvereniging bepaalt welke kwaliteitsstandaarden je moet volgen door ze formeel te bekrachtigen, ook wel autoriseren genoemd. Het Nederlands Instituut van Psychologen (NIP) doet dat bijvoorbeeld voor psychologen (óók voor diegenen die niet lid zijn). Huisartsen hebben hun eigen richtlijnen en zorgstandaarden (NHG-Behandelrichtlijnen en NHG-Standaarden), die – waar nodig – afgestemd worden met die van de ggz.
3. Wat als een zorgstandaard en richtlijn niet overeenstemmen?
Wat allereerst goed is om te weten: een richtlijn is niet gebaseerd op een zorgstandaard. Andersom zijn veel onderdelen van een zorgstandaard vaak wel gebaseerd op één of meerdere richtlijnen, met name daar waar het gaat om de wetenschappelijke evidentie. De Zorgstandaard ADHD maakte bijvoorbeeld één geheel van de aanbevelingen uit de multidisciplinaire richtlijn ADHD voor volwassenen, uit de multidisciplinaire richtlijn ADHD bij kinderen, uit de NHG-standaard over ADHD en uit de richtlijn ADHD voor jeugdhulp (bron: Akwa GGZ).
Doorgaans wordt een zorgstandaard herzien nadat een geactualiseerde MDR is gepubliceerd. Dit betekent dat nieuwe wetenschappelijke inzichten in principe ‘doordrukken’ in de zorgstandaard. Zoals op elke regel bestaan er echter ook hier uitzonderingen. Van de MDR Depressie uit 2013 verscheen bijvoorbeeld pas in 2024 een nieuwe versie. In de tussentijd (2019) verscheen al wel een nieuwe zorgstandaard, waarin enkele verschillen stonden ten opzichte van de MDR. Wat is dan leidend?
Liv Possen-Pijck, coördinator kwaliteitsstandaarden bij het NIP, is daar duidelijk over: “Dan geldt de meest recente kwaliteitsstandaard die geautoriseerd is door je beroepsvereniging. Dat was in dit geval dus de zorgstandaard, totdat recent de nieuwe MDR Depressie verscheen.” Daar zal nu weer een herziening van de Zorgstandaard Depressieve Stoornissen op volgen, die inhoudelijk aansluit op de MDR.
“Zo’n uitzondering als bij de Zorgstandaard Depressieve Stoornissen zou in de toekomst niet meer moeten voorkomen,” zegt Toon Lamberts, senior adviseur bij het Kennisinstituut van de Federatie Medisch Specialisten. “Om tegenstrijdigheden tussen de twee kwaliteitsstandaarden te voorkomen hebben we onlangs met Akwa GGZ afgesproken dat medisch inhoudelijke aanbevelingen in de MDR worden gedaan en dat zorgstandaarden de richtlijnen van de Federatie volgen.”
4. Is goede zorg ook verzekerde zorg?
Wat goede zorg is staat beschreven in kwaliteitsstandaarden zoals de zorgstandaarden van Akwa GGZ en de richtlijnen van de Federatie Medisch Specialisten. Wat verzekerde zorg is binnen het basispakket bepaalt het Zorginstituut Nederland, een zelfstandig bestuursorgaan van het ministerie van VWS. Ze bekijken daarbij niet alleen of een behandeling werkt en passend is voor patiënten (informatie die ze onder andere uit de kwaliteitsstandaarden halen). Ze bekijken ook of de zorg tegen een redelijke prijs wordt geleverd en wegen de belangen van álle premiebetalers mee. Goede zorg is dus niet automatisch ook verzekerde zorg.
5. Gelden protocollaire behandelboeken als richtlijn voor therapeuten?
Welke behandelaar in de ggz kent ze niet: de boeken met protocollaire behandelingen voor mensen met psychische klachten. Ze staan centraal in opleidingen en vormen een belangrijk naslagwerk voor therapeuten. Officiële richtlijnen zijn het echter niet. Ze behoren niet tot de eerder genoemde professionele standaard. Je kunt ze het beste zien als een praktische uitwerking: de MDR’s geven aan wélke behandelingen effectief bevonden zijn, behandelprotocollen beschrijven hóe je ze stapsgewijs uitvoert. De behandelboeken sluiten – in principe – aan op inzichten in richtlijnen, maar ze worden niet continu geactualiseerd en zijn dus niet altijd volledig up-to-date (de laatste herziening van de behandelboeken dateert uit 2017). Ook zijn de behandelboeken niet uitputtend: ze bevatten uitgewerkte behandelingen voor veel, maar niet alle psychische stoornissen (zoals bipolaire stoornissen).
Meer informatie
Richtlijnen en zorgstandaarden worden in Nederland niet door dezelfde organisatie ontwikkeld. Wie betaalt en wie bepaalt er eigenlijk? Wil je weten hoe dat zit? Lees dan nu ons artikel over de kwaliteitsstandaarden in de ggz.
Voetnoten
1. Enquête onder 730 zorgprofessionals in een rapport van Akwa GGZ (juli 2024): Uitkomsten praktijkonderzoek herstelgerichte zorgstandaarden.
2. Standaarden rond een overkoepelend thema werden voorheen ‘generieke module’ genoemd.
3. Een uitzondering zijn de praktijkstandaarden van het Kenniscentrum kinder- en jeugdpsychiatrie. De praktijkstandaarden vertalen verschillende kwaliteitsstandaarden naar een meer praktijkgericht stappenplan. Ze zijn niet formeel bekrachtigd door beroepsgroepen en maken dus geen deel uit van de professionele standaard.
