Obesitas

Patiënteninformatie voor zowel volwassenen als kind & jeugd

door VGCt
5 minuten leestijd

🖨️ Download de QR-code naar de brochure om zelf te printen en mee te geven aan cliënten.

Cognitieve gedragstherapie (CGT) leert je om anders tegen moeilijke situaties aan te kijken en om daar anders mee om te gaan. De therapie gaat over gedachtes en gedrag, ofwel denken en doen. De eerste stap is om de klacht in kaart te brengen. Daarna werk je met de therapeut samen om je doelen te bereiken. Je onderzoekt in welke mate je gedachtes en gedrag helpend zijn. Dat doe je door samen na te denken en vooral door dingen uit te proberen. Vaak blijkt dat de situatie niet zo negatief is als je denkt (verwacht), maar je moet het eerst ervaren om het te geloven. Door deze aanpak verminderen je klachten. Je wordt sterker, voelt je veiliger en hebt meer controle. De mensen om je heen zijn ook belangrijk in de therapie en worden waar mogelijk betrokken om verder te komen.

Wat is obesitas?

Je hebt obesitas, oftewel ernstig overgewicht, als je een Body Mass Index (BMI; kg/m2) van 30 of hoger hebt. In sommige gevallen kun je ook last hebben van diabetes type 2, hartafwijkingen, gewrichtspijn of het metabool syndroom.

Voor mensen met obesitas is het vaak lastig om af te vallen, vooral als ze ook met deze andere aandoeningen te maken hebben. Daarnaast kan het hebben van obesitas een grote invloed hebben op je dagelijks functioneren. Mensen met obesitas hebben vaker een slecht zelfbeeld en zijn vaker somber dan mensen zonder obesitas. Deze negatieve gevoelens en emoties kunnen ervoor zorgen dat je moeite hebt met de controle over je eetgedrag. Soms schamen mensen met obesitas zich zo voor hun eetgedrag en lichaamsgewicht dat ze geen hulp te zoeken.

Als je obesitas hebt, kan het zijn dat je ook last hebt van eetbuien of een eetbuistoornis hebt (zie ook de brochure over de eetbuistoornis). Dan eet je in korte tijd een grote hoeveelheid voedsel. Van de mensen met overgewicht die hulp zoeken voor gewichtsverlies heeft naar schatting 30% een eetbuistoornis.

Wanneer heb je hulp nodig?

Beheersen je overgewicht en je eetgedrag jouw leven? Lukt het je niet om er iets aan te doen (bijvoorbeeld via een gecombineerde leefstijlinterventietraject (GLI) of met een diëtist)? Cognitieve gedragstherapie kan een uitkomst bieden. Bij eetbuien en ongecontroleerd dooreten heb je mogelijk (ook) een eetbuistoornis. Ook hiervoor is cognitieve gedragstherapie een goede behandeling.

Twijfel je of je hulp nodig hebt? Bespreek het met je huisarts.

Hoe ontstaat obesitas?

Er is niet één specifieke oorzaak, maar er zijn wel risicofactoren die de kans op obesitas vergroten. Vaak is er sprake van genetische aanleg, maar omgevingsfactoren kunnen ook invloed hebben – bijvoorbeeld als er veel (hoog calorisch) eten beschikbaar is. Medicijnen, lichamelijke ziektes en psychische factoren (bijvoorbeeld stress, emotie-eten en een laag zelfbeeld) kunnen ook een rol spelen.

Wat is cognitieve gedragstherapie?

Cognitieve gedragstherapie (CGT) onderzoekt de samenhang tussen gebeurtenissen, gevoelens, gedachten en gedrag. Het is een actieve therapie, waarbij je onderzoekt wat je klachten precies zijn en wat ze beïnvloedt. CGT is evidence based: uit onderzoek blijkt dat de behandeling werkt bij het verminderen van verschillende soorten klachten. Als je wilt weten of de CGT-behandeling wordt vergoed, kun je het beste contact opnemen met je zorgverzekeraar. Soms is een combinatie van therapie en medicijnen nodig. Wat voor jou het beste is, bekijk je samen met je behandelaar.

Wat kun je verwachten van een behandeling?

De behandeling voor obesitas bestaat meestal uit meerdere onderdelen. Je (huis)arts en de andere behandelaren werken samen om een zo goed mogelijk resultaat te behalen. Volwassenen volgen meestal cognitieve gedragstherapie (CGT). Dat gebeurt individueel of in een groep. Cognitieve gedragstherapie onderzoekt de samenhang tussen gebeurtenissen, gevoelens, gedachten en gedrag. Het is een actieve therapie waarbij je onderzoekt wat je klachten precies zijn en wat ze beïnvloedt.

Tijdens de behandeling leer je wat obesitas precies inhoudt en hoe de aandoening tot stand komt. Verder ga je aan de slag met het bijhouden van je eetgedrag, stel je concrete doelen op, werk je aan een gezond eetpatroon, maak je een stappenplan voor moeilijke situaties en leer je om je niet-helpende gedachten om te zetten in helpende gedachten.

Vaak leer je ook over hoe je problemen oplost, hoe je met stress omgaat, hoe je een negatief lichaamsbeeld aanpakt en je je naasten kunt betrekken bij de behandeling. Als onderdeel van de behandeling zal je meestal beginnen met meer bewegen en sporten. Je leert dan ook hoe je dit kunt volhouden. Aan het eind van de behandeling maak je ten slotte een terugvalpreventieplan.

Uit onderzoek blijkt dat je na de behandeling 5 tot 10% van je startgewicht blijvend kunt verliezen. Wanneer je dan geen overmatig eetpatroon meer hebt, kan je dan al een heel stuk gezonder zijn.

Over de behandeling

De behandeling varieert van 10 tot 25 wekelijkse sessies. Die duren meestal 45 tot 60 minuten. Het aantal sessies hangt af van de ernst van je klachten. Het kan zijn dat sommige klachten niet helemaal verdwijnen. De behandeling kan je dan wel helpen om er minder last van te hebben.

Wel of geen medicatie?

Er is enig bewijs dat medicatie helpt. Metformine en liraglutide (saxenda) kunnen mogelijk ondersteunend werken om makkelijker af te vallen. Er is nog geen onderzoek gedaan naar de werking van deze medicijnen op de lange termijn en ook nog niet bij mensen met een eetbuistoornis.

Ook andere middelen kunnen als bijwerking het eetgedrag beïnvloeden, wat kan resulteren in een toename of juist afname van de voedselinname.

Over de therapeut

Meestal krijg je cognitieve gedragstherapie van een gedragswetenschapper (zoals bijvoorbeeld een psycholoog of orthopedagoog). Dat is iemand die een studie psychologie aan de universiteit heeft afgerond. Het is belangrijk dat je vertrouwen hebt in je therapeut en dat je samen tot goede afspraken komt over de behandeling. Vind je dingen niet prettig gaan in de behandeling? Dan mag je dat altijd zeggen. Of vraag om een andere therapeut als je er samen niet uitkomt.

Hoe vind je een geschikte therapeut?

Wil je er zeker van zijn dat de behandeling goed wordt gegeven? Ga dan naar een behandelaar die ingeschreven staat bij de VGCt. Dan krijg je een therapeut die goed opgeleid en nageschoold is. Vraag je huisarts ernaar of zoek in het VGCt-register op de VGCt-website.

Lees de volledige informatie (inclusief het verhaal van Mark (42 jaar) in de brochure hierboven. De brochure downloaden kan door op het pijltje te klikken in het scherm van de blader-pdf.

Misschien ook interessant voor jou

Focus Mode