Deze animatie is bedoeld om kinderen voor te lichten over PTSS. In het filmpje vertelt Bo over waar hij last van heeft, wat er tijdens de therapie gebeurt en wat hij aan de behandeling heeft gehad. De informatie hieronder is bedoeld voor ouders. Je leest hier meer over wat de behandeling nou eigenlijk inhoudt en wat voor rol jij als ouder kunt spelen in de ondersteuning van jouw kind.
Rol van ouders binnen de behandeling
Als ouder of andere verzorger heb je een belangrijke rol binnen de behandeling. Jij ziet je kind dag in, dag uit. Hierdoor heb je vaak een goed beeld van de klachten van je kind. Deze informatie is heel nuttig om de behandeling vorm te geven. Ook kun je een belangrijke rol spelen in het motiveren van je kind. Als je als ouder uitstraalt dat je vertrouwen hebt in de behandeling, helpt dit je kind om de behandelstappen uit te voeren. Ouders hebben soms zelf een (non-)verbale reactie ontwikkeld op situaties die hun kind angstig vindt, waardoor ze onbewust en onbedoeld het gedrag versterken. Hier kan in de ouderbegeleiding aandacht aan besteed worden om dit patroon te doorbreken.
Naast deze informerende en motiverende rol, kun je als ouder ook steun geven aan je kind. Dit betekent dat op de momenten dat je kind iets wil delen over de ingrijpende gebeurtenis met jou, je steun biedt door te luisteren en je kind serieus te nemen. Ook kun je als ouder je kind helpen bij het weer aangaan van situaties in het dagelijks leven die je kind vermijdt sinds de ingrijpende gebeurtenis. Vaak worden speciale oudersessies toegevoegd aan de behandeling waarbij je geholpen wordt om deze steun te bieden en geleerd wordt om je kind te helpen vermijding te doorbreken.
Wat is PTSS?
Na het meemaken van een ingrijpende gebeurtenis kan je kind daar last van houden, bijvoorbeeld wanneer je kind een ongeluk heeft meegemaakt of wanneer je kind te maken heeft gehad met seksueel misbruik, lichamelijk geweld, een oorlog of natuurramp. Een ingrijpende gebeurtenis kan één keer voorkomen, zoals bij een ongeluk, maar kan zich ook herhalen, zoals bij misbruik.
Wanneer heb je hulp nodig?
Ingrijpende gebeurtenissen komen vaak voor. Eén op de twee kinderen maakt voor het achttiende levensjaar één of meer ingrijpende gebeurtenissen mee, direct of als getuige. Een deel van de kinderen krijgt vervolgens te maken met klachten als slaapproblemen, veel huilen of niet meer alleen willen zijn. Ook kunnen kinderen druk of opstandig gedrag vertonen of ze verliezen vaardigheden die ze voorheen beheersten (ze plassen bijvoorbeeld weer in bed). Dit is normaal. Het kind heeft tijd nodig om de gebeurtenis te verwerken en een plekje te geven. Wanneer klachten langer dan een maand duren of wanneer klachten heel intens zijn, is behandeling vaak wel nodig.
Ongeveer 16 procent van de kinderen ontwikkelt na het meemaken van een ingrijpende gebeurtenis een posttraumatische stressstoornis (PTSS). Kinderen met PTSS hebben last van herbelevingen: ze zien de gebeurtenis opeens weer als een film voor zich of hebben last van nachtmerries over de gebeurtenis. Ze ervaren negatieve gedachten en gevoelens, zoals zichzelf de schuld geven van wat er is gebeurd of nergens meer zin in hebben. Ook kan er sprake zijn van onrust in de vorm van extreme waakzaamheid, overdreven schrikken, concentratieproblemen, moeite met slapen of woede-uitbarstingen. Tot slot vermijden ze gedachten, gevoelens, plaatsen of personen die aan de gebeurtenis doen denken.
Hoe ontstaat PTSS?
Het is een begrijpelijke reactie van je kind om gedachten aan de gebeurtenis weg te drukken en situaties uit de weg te gaan die aan de gebeurtenis doen denken. Op de korte termijn lucht dat op, maar op de lange termijn zorgt vermijding ervoor dat de angst blijft bestaan en zelfs kan toenemen. Je kind verwerkt die ingrijpende gebeurtenis niet. Dat komt doordat je kind niet de mogelijkheid krijgt om te ontdekken dat de dingen waar die bang voor is vaak niet gebeuren.
Wel of geen medicatie?
Bij de behandeling van PTSS heeft een psychologische behandeling de voorkeur boven medicatie. Psychologische behandeling heeft namelijk een beter effect op de klachten dan medicatie. Verdovende medicatie, zoals slaap- of kalmeringsmiddelen, zijn niet aan te raden. Op de korte termijn is het effect prettig (je kind wordt rustiger en kan beter slapen), maar op de lange termijn worden de klachten erger. Verdovende medicatie kan ook verslavend zijn.
Wat kun je verwachten van een behandeling?
Stap 1: Uitleg en planning
Om te beginnen geeft de cognitief gedragstherapeut jou en je kind uitleg over de PTSS-klachten van je kind. Jullie krijgen ook uitleg over hoe de behandeling werkt en hoe deze er precies uitziet. Daarnaast maakt je kind samen met de therapeut een planning voor de behandeling: welke ingrijpende gebeurtenissen tijdens de behandeling aan bod komen en in welke volgorde.
Stap 2: Verwerken van de herinneringen.
Het verwerken van de herinneringen aan de ingrijpende gebeurtenis kan op verschillende manieren. Dit kan door in detail stil te staan bij de herinneringen, bijvoorbeeld door deze met gesloten ogen te vertellen (dat heet imaginaire exposure). Soms gaat je kind schrijven over de gebeurtenis of maakt tekeningen van de moeilijke momenten. De behandelaar kan ook kiezen om EMDR in te zetten als dit beter aansluit. Cognitieve gedragstherapie en EMDR zijn als behandeling voor trauma even effectief.
Stap 3: Dagelijkse activiteiten weer oppakken.
Je kind gaat situaties in het dagelijkse leven weer aan die te maken hebben met de ingrijpende gebeurtenis en die je kind nu liever vermijdt (exposure in vivo). Wat zijn activiteiten die je kind niet meer durft sinds het meemaken van de ingrijpende gebeurtenis maar wel weer heel graag zou willen doen? Je kind leert tijdens de behandeling dat die het aankan om bij de herinneringen stil te staan en situaties aan te gaan die eerder werden vermeden. Daarbij oefent je kind tijdens de behandeling zowel in als buiten de sessies. Soms wordt er ook ruimte gemaakt om samen met de therapeut de gedachten van je kind over de ingrijpende gebeurtenis te onderzoeken. Je kind leert anders over de ingrijpende gebeurtenissen na te denken, bijvoorbeeld dat het niet diens schuld was en dat niet overal gevaar dreigt.
Over de behandeling
Een behandeling bestaat meestal uit 10 tot 15 wekelijkse sessies. Die duren meestal 45 tot 90 minuten (afhankelijk van de leeftijd van je kind). Hoeveel sessies er precies nodig zijn, hangt af van de ernst van de klachten. Het kan zijn dat sommige klachten niet helemaal verdwijnen. De behandeling kan je kind dan wel helpen om er minder last van te hebben.
Handige links
Op de Thuisartswebsite vind je uitleg over PTSS.
Deze richtlijn is geschreven voor hulpverleners, maar heeft ook een onderdeel voor ouders. Je vindt informatie over trauma-gerelateerde problemen en de behandeling hiervan.
De website van Rake vragen is voor hulpverleners, maar óók voor jongeren. Zij vertellen hoe zij leerden te praten over ingrijpende gebeurtenissen en hoe belangrijk dat was voor hen, met informatie over trauma en passende behandeling.
Op Ikwiljeietsvertellen.nl vind je tips voor (onder andere) ouders om het gesprek aan te gaan met hun kind over ingrijpende gebeurtenissen.
Het boek Ik wil je iets vertellen, door Lotte Hendriks en Dolly Warhol (2022). Uitgeverij Dolly Warhol. Dit prentenboek stimuleert kinderen (3+ jaar) om over ingrijpende ervaringen te vertellen en helpt voorlezers om hierop goed te reageren.
Het boek Charlie, door Pieter Melsen en Iva Bicanic (2024). Uitgeverij Vesper Publishing. Dit prentenboek (6+ jaar) is gemaakt om specifiek herkenning en steun te bieden aan kinderen die seksueel misbruik meemaken of hebben meegemaakt.
Het boek Sam en het niet-leuke geheim. Pieter Melsen en Wouter Vaessen (2023). Uitgeverij Vesper Publishing. Dit prentenboek (6+ jaar) gaat over wat je kan doen als je een geheim hebt waardoor je je heel naar voelt.