Mooi werkmoment – Het effect van schadelijke communicatie in de zorg

Welk mooi moment uit de praktijk zul je niet snel vergeten? In deze editie vertelt Janine Westendorp, psycholoog bij Helen Dowling Instituut, over een bijzondere casus.

door VGCt
4 minuten leestijd

De impact van schadelijke of zelfs het ontbreken van communicatie tussen artsen, verpleegkundigen en hun patiënten kan enorm zijn. Dat zie je goed terug in Janines casus waarbij Tim*, een oud-verpleegkundige van in de zestig, getraumatiseerd raakte toen zijn vrouw in het ziekenhuis lag.‘ 

Tims vrouw, Inez*, had kanker en kwam in aanmerking voor een experimentele behandeling”, vertelt Janine. Ze werkt bij het Helen Dowling Insituut, een zorginstelling gericht op psychologische zorg aan mensen met kanker en hun naasten. Daarnaast deed Janine promotieonderzoek naar arts-patiëntcommunicatie. Ze vervolgt: “De behandeling van Inez betekende een opname voor een langere periode in het ziekenhuis.”

Experimentele behandeling

Tim kwam bij mij toen Inez al was overleden. Zijn klachten waren gestagneerde rouw. Hij kon niet huilen en voelde zich schuldig over haar dood. Hij was heel somber en dat werd steeds erger. Als hij zijdelings over de experimentele behandeling praatte, merkte ik dat hij er elke keer omheen vertelde en wegkeek – voor mij een signaal dat er lading op zat waar we naar moesten kijken. Hij kon erkennen dat het een hele nare tijd was geweest in het ziekenhuis en middels imaginaire exposure, waarbij hij zijn ogen sloot en mij vertelde wat hij voor zich zag, gingen we terug naar die momenten. Het was alsof we een soort film afspeelden.”

Janine Westendorp

Denkfout

“Hij vertelde dat hij zijn vrouw ondergepoept en onder haar eigen braaksel aantrof in het ziekenhuisbed. In de behandeling werden hoge doses medicatie toegediend, met als gevolg dat Inez hondsberoerd was geworden. Ze was niet meer in staat om de alarmbel in te drukken voor hulp. Dat zij daar zo hulpeloos en bijna levenloos lag, is voor hem een heel naar beeld geweest. Het gaf hem een machteloos gevoel dat er geen zorgverlener was die voor haar zorgde. Als oud-verpleegkundige kreeg hij het gevoel dat hij verantwoordelijk was, erbij moest blijven en de boel daar moest regelen. Hij stelde vragen aan de artsen als: ‘Gaan we niet te ver?’ en: ‘Moeten we stoppen?’ Maar elke keer kwam het antwoord dat Inez dit had gewild en zelf had ingestemd met de experimentele behandeling. Achteraf had hij daar zoveel last van. Hij zat met het gevoel dat hij voor haar had moeten opkomen, en had moeten zeggen: ‘Het is genoeg’. In zijn gedachten ontstond de denkfout dat het lijden van Inez zijn verantwoordelijkheid was. Dit werd versterkt door een overweldigend gevoel van schuld.”

Switch

We hebben de ziekenhuisgebeurtenissen vaak opnieuw afgespeeld. Aanvankelijk kon Tim niet huilen, maar tijdens de sessies leek er een soort stop los te schieten. Met zijn ogen dicht voelde het kennelijk veilig genoeg om bij zijn verdriet te komen en alle stress los te laten. Er zat zó veel spanning op – gevoelens van rouw, verdriet en boosheid liepen volledig door elkaar heen. Tijdens de sessies zijn we ook de herinnering gaan herschrijven – rescripting – zodat de herinnering minder beladen werd. Dan zei ik bijvoorbeeld: ‘Stel dat die arts wél binnenkomt en even naast jullie gaat zitten. Wat zou hij dan zeggen? Waar had je behoefte aan? Op die manier kon hij dat rauwe stuk alsnog helen. Het nare beeld blijft, maar Tim maakte een belangrijke switch: hij was niet langer boos op zichzelf.”

Gezien en gehoord

“Als Tim de plaatsnaam van het ziekenhuis ergens zag staan of op televisie hoorde, dan greep hem dat al aan. Zijn doel was daar zelf weer eens naartoe te kunnen, om een periode af te sluiten. Voor onze laatste sessie is hij er samen met zijn zoon naartoe gegaan. Hij voelde zich rustig en kon er zijn. De kernboodschap uit deze casus – waar ook een deel van mijn proefschrift over gaat – is dat patiënten en hun naasten zich gezien en gehoord moeten voelen. Artsen hoeven soms helemaal niet veel te zeggen of uit te leggen, maar ze kunnen met simpele woorden of door even naast iemand te gaan zitten het gevoel geven dat je het niet alleen hoeft te doen. Dat heeft Tim gemist en dat zorgde mede voor zijn trauma. Dat is niet per se de schuld van iemand, maar het laat wel het effect zien van schadelijke communicatie. Het laat ook zien dat schadelijke communicatie de rouw kan verstoren, dat het zware somberheid in de hand kan werken en dat iemand niet verder kan met zijn leven.”

Proefschrift

Vorig jaar – tijdens de afrondende fase van haar proefschrift over arts-patiëntcommunicatie – werd Janine zelf ziek. Tot op heden bestaat er bij haar artsen veel onduidelijkheid over haar precieze diagnose. Daarmee zit ze ineens aan de andere kant van de tafel. “Mijn promotieonderzoek was afgerond, ik was net begonnen aan de gz-opleiding en ineens kwam mijn leven stil te staan. Ondanks dat ik nu even niet kan werken, deel ik mijn onderzoek en ervaringen via korte blogs op mijn sociale media. Zo blijf ik aandacht vragen voor betere communicatie in de zorg. Het is voor mij een manier om met de situatie om te gaan en met één been in het werkveld te blijven. Op LinkedIn had ik al een netwerk van psychologen en artsen. Zij vinden het waardevol om te lezen. Dat helpt. Als mens heb je het toch nodig iets zinvols te blijven bijdragen.”

*Tim is een gefingeerde naam.

Dit artikel kun je terugvinden in het VGCt magazine op pagina 12.

Misschien ook interessant voor jou

Focus Mode