Wie de opleiding tot cgt’er volgt, bewijst zijn of haar bekwaamheid onder meer met een N=1. In deze rubriek blikt een cgt’er terug op de eigen bekwaamheidsproef.
Lotte Freriks
Functie:
Gz-psycholoog
Werk:
Lotte werkt als gz-psycholoog bij Jellinek in Utrecht, op de polikliniek voor verslavingszorg. Haar N=1 voerde ze uit in een forensische setting. Na het afronden van haar N=1 rondde ze in 2024 haar opleiding tot cognitief gedragstherapeut af.
René* is een 36-jarige alleenstaande man van Zuid-Amerikaanse afkomst en verblijft in een forensische setting. Hij is gediagnosticeerd met een psychotische stoornis en heeft een forensische strafmaatregel met dwangverpleging opgelegd gekregen. Al op jonge leeftijd voelt hij zich eenzaam en ontwikkelt hij naar eigen zeggen stemmen om hiermee om te gaan. Recent komt hij erachter dat hij al langere tijd in een ‘andere werkelijkheid’ leeft. Dit besef geeft hem veel angst en somberheid. René worstelt met de vragen: ‘Wat is echt?’ en ‘Hoe kan ik ooit weer in de maatschappij passen?’
Een onveilige basis
René’s klachten uiten zich in achterdocht, terugtrekgedrag en het vermijden van contact. Bij aanvang van de behandeling is hij floride psychotisch en zijn verhalen zijn sterk gedesorganiseerd. René beschrijft zichzelf als ‘stuk van binnen’ en voelt dat hij ‘niet meer te maken is’ door een instabiele jeugd vol mishandeling, verhuizingen en verschillende opvoeders. Hoewel hij intelligent en universitair geschoold is, ervaart hij geen basis of houvast.
CGT-p als houvast
Ondanks dat de casus zeer complex is en er op meerdere gebieden geïntervenieerd kan worden, is bij deze behandeling ingezet op cognitieve gedragstherapie bij psychose (CGT-p), zoals aanbevolen in de psychosezorgrichtlijn. De achterdocht staat namelijk op de voorgrond, wat veel invloed heeft op zijn functioneren en hoe hij naar zichzelf, anderen en de wereld kijkt. Het proces voelt soms net zo verwarrend voor Lotte als voor René. Gelukkig geeft CGT-p houvast door structuur en een duidelijk stappenplan.
G-schema’s
Een belangrijke techniek die Lotte inzet zijn G-schema’s, waarmee René leert afstand te nemen van zijn eigen gedachten. In eenvoudige stappen vullen ze samen in wat er gebeurt, welke gevoelens hij daarbij ervaart en wat mogelijke alternatieve verklaringen kunnen zijn. Hoewel hij in het begin huiverig is om iets op te schrijven, blijken de G-schema’s een openbaring. René is bang dat mensen gedachten uit zijn hoofd kunnen stelen, maar door samen alternatieven te onderzoeken, wordt dat minder bedreigend.
Spanning en autonomie
Een bijzondere uitdaging is het behouden van René’s autonomie binnen de context van dwangverpleging. Zijn bewegingsvrijheid is beperkt en beslissingen worden vaak voor hem genomen. Lotte werkt eraan om René zoveel mogelijk regie te geven binnen de beperkingen van zijn situatie. Het is essentieel dat hij ervaart dat hij zelf keuzes kan maken, zoals wanneer hij wil praten of welke opdrachten hij wil doen.
Gedragsexperimenten
Met veel geduld introduceert Lotte gedragsexperimenten. René is bijvoorbeeld bang dat anderen hem zullen mishandelen als hij oogcontact maakt. Samen verkennen ze stap voor stap wat er gebeurt als hij iemand groet of even aankijkt. Een belangrijk experiment is het gezamenlijk zitten in een behandelkamer. René denkt dat hij op zo’n moment zijn eigen haren zal uittrekken. Hoewel zijn angst niet volledig verdwijnt, vermindert die wel merkbaar na herhaalde oefeningen.
Inzicht door herkenning
Een belangrijke doorbraak komt wanneer Lotte een filmpje laat zien over achterdocht. René herkent zichzelf sterk in het verhaal en wordt meer open in gesprekken. Ook het visualiseren van de holistische theorie – waarin zijn klachten en levensgeschiedenis in kaart worden gebracht – biedt inzicht en rust. Als hij zichzelf beter begrijpt, komt er ruimte om zijn angsten te onderzoeken.
Meer contact
Hoewel René kwetsbaar blijft, zet hij grote stappen. Hij neemt vaker deel aan groepsmomenten en aan activiteiten, en is zelfs begonnen met dagbesteding. Zijn angst om mishandeld te worden vermindert, en hij durft kleine stapjes te zetten richting verlof en resocialisatie. De lijdensdruk van René blijft groot, maar hij laat meer vertrouwen zien en durft langzaam verder te kijken dan zijn angsten.
Terugblik
Lotte: “Dit was de meest complexe N=1 die je je kunt voorstellen. Het voelde soms echt als een zware beproeving – voor hem en voor mij. Hij zat gevangen in zijn verwarring, wat het intens maakte om vooruitgang te zien. CGT-p gaf echter kaders en structuur, waardoor ik koers kon houden, zelfs als het proces moeizaam verliep. Het voelde als een trechter: van een brei aan klachten naar meer focus en overzicht. De holistische theorie hielp om zijn klachten in kaart te brengen en hem stukje bij beetje inzicht te geven in zijn eigen angsten. Ik dacht vaak: ik wil meer, ik wil verder, maar less is more bleek hier echt waar te zijn. Alleen al dat hij zichzelf iets beter begreep, was een enorme winst. Hij ontdekte dat zijn angsten niet altijd reëel waren en vond ruimte om meer contact te maken met anderen en kleine stappen te zetten in zijn herstel. Deze casus heeft me geleerd om niet terughoudend te zijn met CGT-p bij psychose. Het kan echt een verschil maken. Deze patiënten verdienen een nieuwsgierige en menselijke benadering. Soms is het al helend om hen te laten ervaren dat ze gezien en gehoord worden, zonder oordeel of haast. Dat neem ik mee voor de toekomst.”
*Gefingeerde naam.
Dit artikel kun je terugvinden in het VGCt magazine op pagina 18.
