Met de opkomst van de MeToobeweging werd een groot maatschappelijk probleem aan de kaak gesteld. Een afhankelijkheidsrelatie die daarbij niet over het hoofd gezien mag worden is die tussen de zorgverlener en de patiënt. Ook in de ggz zijn seksuele grensoverschrijdingen een reëel risico, juíst door de intensieve band die zich vormt in de behandelkamer. Hoe ontstaat seksueel grensoverschrijdend gedrag in de zorgrelatie? Waar kun je als behandelaar alert op zijn? Selini Roozen-Vlachos, deskundige op dit thema, beantwoordt deze en andere vragen.
Vanwaar jouw belangstelling voor dit onderwerp?
“Ik denk dat het is ontstaan toen ik nog werkte als gz-psycholoog. Ik heb toen zelf van dichtbij meegemaakt dat een collega verliefd werd op een patiënt, resulterend in seksueel contact. Dat bracht een schok teweeg bij mij en het team waar ik destijds werkte. Je vraagt je af hoe het kan dat een goede, deskundige zorgverlener zoiets doet. Zelf ben ik gespecialiseerd in seksueel geweld. Het feit dat ook zorgverleners seksueel de grens overschrijden intrigeerde mij. Ik ging me erin verdiepen en ontdekte niet alleen dat het regelmatig voorkomt, maar ook dat we vooral reactief handelen: een voorval gebeurt, daar schrikken we van en dán treden we op. We doen echter heel weinig aan preventie. Dat kan en moét beter.”
Waar komt de toename van het aantal meldingen vandaan?
“Bij de inspectie zie je dat de meldingen van grensoverschrijdend gedrag in de zorg van ongeveer 130 naar 330 zijn gegaan in drie jaar tijd – dat is een enorme stijging. Opvallend is dat de ggz al jaren een van de sectoren is waar de meeste meldingen over binnenkomen1, 2. Een verdere stijging sluit ik niet uit. Na het schandaal van The Voice is er veel meer aandacht voor de vraag wanneer iets seksueel misbruik is. Ook bij patiënten wordt het bewustzijn steeds groter. Ze realiseren zich: wat mij is overkomen is niet oké. Dat leek misschien een liefdesrelatie, maar er is misbruik van mij gemaakt. Ook onder collega’s is er een groter bewustzijn over wat er allemaal valt onder seksueel grensoverschrijdend gedrag. Een aantal jaar geleden werd over grensoverschrijdingen door collega’s in de directe werkomgeving vaker gedacht: dat is misschien niet helemaal in de haak, maar ik laat het maar. Dat soort situaties worden nu ook gemeld.”
Wat valt er onder seksueel grensoverschrijdend gedrag, specifiek in de zorgrelatie?
“We hebben een richtlijn in de zorg die definieert wat er allemaal onder valt. Seksueel geweld in de zorgrelatie begint bij seksueel getinte opmerkingen van een zorg verlener richting de patiënt. Ook seksueel getinte berichten sturen via WhatsApp of sociale media horen daarbij. Het spectrum loopt door naar onnodige aanrakingen, onnodig ontkleden, onnodig inwendig en uitwendig onderzoek. We zien zelfs aanranding en verkrachting door zorgverleners. Wat ook voorkomt, zeker in de ggz, zijn verliefde zorgverleners die seksueel contact aangaan met hun patiënt.”
Wat is de prevalentie hiervan?
“Naar de prevalentie van grensoverschrijdingen in de zorg is in Nederland nog weinig onderzoek gedaan. Het prevalentieonderzoek onder Duitse patiënten3 is interessant om te noemen. Daarin zei 1 op de 25 vrouwelijke patiënten dat ze te maken hadden gehad met seksueel grensoverschrijdend gedrag door een zorgverlener. Daarbij werden artsen en verpleegkundigen veel genoemd als degenen die de grens overschreden. Verder gaf 3 tot 7 procent van de zorgverleners aan ooit seksueel contact te hebben gehad met een patiënt4. Ook interessant is dat 38 tot 52 procent zegt5: ‘Ik heb ooit meegemaakt dat mijn collega seksueel de grens overschreed met een patiënt’. De kans dat je er in je loopbaan mee te maken krijgt is dus heel reëel en een goede reden om je als zorgverlener in dit onderwerp te verdiepen.”
De meeste behandelaars zullen afwijzend reageren als het hierover gaat…
“De eerste reflex is inderdaad: ‘dat gebeurt niet bij ons’ en ‘ik zou dat zelf helemáál niet doen’. Veel mensen schrikken dan ook als die leuke, kundige collega wel in zo’n situatie terechtkomt en zoiets gedaan heeft. Ik probeer ‘m altijd op een andere manier aan te vliegen: seksueel grensoverschrijdend gedrag is een maatschappelijk probleem en het komt in elke sector voor, dus dan komt het óók voor in de zorg en juíst in een zorgrelatie. De factoren die daarbij een rol spelen zijn onder andere dat in een zorgrelatie sprake is van een afhankelijkheidsrelatie én een scheve machtsverhouding. Op zichzelf zijn dat al grote risicofactoren voor seksueel grensoverschrijdend gedrag. Een van de meest scheve verhoudingen is die tussen zorgverlener en patiënt. Daarnaast is er veel een-op-eencontact en niet altijd collegiaal toezicht. Een andere hele belangrijke, en dat is zeker zo in de ggz, Theorie is dat je een hele bijzondere band aangaat met je patiënt. Je loopt mee in iemands leven, soms gedurende een hele lange periode. Daarin kan overdracht en tegenoverdracht een rol gaan spelen.”
“Ik benoem ook altijd het taboe van gevoelens in de zorgrelatie. Zorgverleners zijn ook mensen en als mens kun je gevoelens krijgen. Dat kan variëren van betrokken zijn of denken dat er ‘wel een vriendschap had kunnen ontstaan als het niet mijn patiënt was geweest’, tot aan aantrekkingskracht en verliefdheid. Wetenschappelijk onderzoek onder verschillende zorgdisciplines wereldwijd laat zien dat zestig tot negentig procent van de zorgverleners6 aangeeft: ‘Ik heb me weleens aangetrokken gevoeld tot een patiënt’. Het is dus niet afwijkend dat die gevoelens voorkomen. Belangrijk is wel dat dat soort gevoelens besproken wordt met de supervisor of in de intervisiegroep, maar de angst voor een oordeel van collega’s is erg groot. Hulp vragen is daarom moeilijk en sommige zorgverleners glijden in zo’n geval langzaamaan af naar onprofessioneel gedrag. Ik noem dat de ‘glijdende schaal’. Het begint met kleine dingen die op het randje zitten en in een periode van maanden of zelfs jaren glijden mensen af tot onprofessonieel gedrag en kan seksueel contact het gevolg zijn.”
Op welke gedragingen zou je alert moeten zijn?
“Denk aan nét wat harder lopen voor die ene patiënt, je afspraken met hem of haar wat vaker uit laten lopen, of je wordt er gewoon net wat blijer van als je ziet dat een bepaalde patiënt weer in je agenda staat. Dat zijn dingen die alle behandelaars wel eens hebben en die op zichzelf niet direct een rode vlag hoeven te zijn. Het gaat om de opeenstapeling van dat soort gedragingen. Als die gedragingen langere tijd aanhouden en je het opmerkt, dan is dat eigenlijk een aanleiding om het juist wél te bespreken tijdens een intervisie en het ongemak op te zoeken.”
“De grenzen rekken namelijk steeds verder op als je het laat bestaan. Als behandelaar merk je bijvoorbeeld dat er wat aantrekkingskracht is. Buiten werktijd denk je steeds vaker aan die patiënt. Op een gegeven moment kan het zijn dat een patiënt een vriendschapsverzoek op sociale media stuurt. Normaal zou je dat als behandelaar niet accepteren, maar bij die ene patiënt denk je dat het geen kwaad kan. Af en toe tóch een WhatsAppje of een belletje buiten kantoortijden. Het contact wordt persoonlijker en professionele grenzen vervagen. Ik zou vooral willen stimuleren om als behandelaars met elkaar het gesprek te voeren over dat grijze gebied en die glijdende schaal. Wat hoort daar allemaal bij? En wanneer begint het voor jou te kantelen? Dat ervaart iedereen weer anders. Het gesprek daarover voeren is echter heel belangrijk en dat mag best een beetje schuren.”
Wat kunnen gevolgen zijn van een liefdesrelatie tussen zorgverlener en patiënt?
“Je zoekt hulp bij een behandelaar op een moment dat het minder goed met je gaat. Met al je kwetsbaarheid ga je jouw levensverhaal vertellen. De persoon tegenover je weet dus veel van jou en weet vaak jouw diepste geheimen. Je stelt je open en kwetsbaar op. Dat gaat vanuit veiligheid en vertrouwen. Als een patiënt en een zorgverlener een relatie met elkaar aangaan dan kunnen ze in eerste instantie verliefd zijn en een fijne ‘relatie’ hebben. Toch zie je best vaak dat dit na een tijdje niet goed gaat, omdat het vanuit ongelijkwaardigheid is gestart, met als gevolg dat het dus geen standhoudt. De patiënt beseft zich vaak later: maar wacht even, jij moest mij hélpen’. Ik zie regelmatig patiënten die zeggen: ‘Ik had al een nare seksuele ervaring meegemaakt en dat was ook met iemand die in scheve verhouding tot mij stond. Nu ben ik zorg gaan zoeken, en is er eigenlijk wéér misbruik van mij gemaakt’. Dat is zo vernietigend voor deze patiënten. Het effect daarvan is dat zij het vertrouwen in hulpverleners verliezen. Ze kwamen met psychische problemen bij deze behandelaar en hebben nu meer problemen waarvoor ze eigenlijk therapie nodig hebben. Het moment waarop de nieuwe behandelaar intieme vragen gaat stellen, kan enorm triggeren door wat er is gebeurd met die vorige behandelaar. Het lukt die mensen vaak niet goed meer om in therapie te komen. Dat is erg schrijnend.”
Waarom worden misbruik of relaties vaak stilgehouden?
“Collega’s kunnen vaak niet geloven dat zoiets echt gebeurt. Je wil iemand niet vals beschuldigen, want er komt veel ellende van als je zoiets meldt. Als je in een team zit of in een hiërarchische verhouding, dan zet dat de boel behoorlijk op scherp. Ik weet ook dat collegabehandelaars soms twijfelen wanneer ze zoiets hebben gehoord van een patiënt: ‘mag ik dan mijn beroepsgeheim schenden?’ Soms wordt de ernst toch nog onderschat: ‘het is een relatie, ze lijken gelukkig met elkaar, dus hoe erg is dit eigenlijk?’ Als een collega weet dat het ‘echt’ seksueel misbruik is, dan wordt het vaak gemeld. Als het een ‘liefdesrelatie’ is, gebeurt dat minder snel. Het is ook makkelijk voor te stellen waarom veel patiënten er geen melding van maken. Een van de grootste redenen is de bijzondere band die er vaak was met de zorgverlener, soms jarenlang.”
Wat is de rol van de werkgever?
“Werkgevers moeten erkennen dat seksueel grensoverschrijdend gedrag een risico is in de zorgsector – óók in de ggz. Dat moet geborgd worden met beleid en dat betekent ook dat je als werkgever normaliseert dat het onderwerp bespreekbaar is. Een mooi voorbeeld is een werkgever waarbij collega’s openlijk met elkaar bespreken voor welke patiënten zij een zwak hebben. Is het dan moeilijk om de professionele balans te bewaren? Hoe kunnen we je daar de volgende keer beter bij helpen? Dan gaat het dus echt om het inbouwen van dit onderwerp in de normale werkprocessen, zodat het niet in de taboesfeer blijft. Dán ben je preventief bezig.”
Wat zijn actiepunten op dit gebied, specifiek voor de ggz?
“Het belangrijkst is dat het op de agenda komt en dat we er niet meer onze ogen voor sluiten. Al in de basisopleiding zou het aan bod moeten komen. Seksueel grensoverschrijdend gedrag komt voor tussen patiënten, maar ook tussen zorgverleners richting patiënten. In de vervolgopleidingen – de gz-opleiding, de kp-opleiding en psychotherapie – komt het vanuit de beroepscode waarschuwend aan bod: pas op, kijk uit, het mag niet. Dan denkt iedereen natuurlijk dat dat ze tóch niet zal overkomen. Toch ontbreekt het ervaren van romantische gevoelens en aantrekkingskracht in de professionele relatie en hoe we daarmee omgaan – de preventieve kant. Beroepsverenigingen kunnen ook een rol spelen door bijvoorbeeld in een vakblad erover te publiceren. Ervaringsdeskundige patiënten aan het woord laten is ook een manier om het onderwerp onder de aandacht te brengen. Dat zijn vaak pijnlijke verhalen waarvan ik vind dat ze gehoord moeten worden.”
Selini Roozen-Vlachos schrijft en spreekt over seksueel grensoverschrijdend gedrag in de zorg. Ze publiceerde diverse wetenschappelijk artikelen en is auteur van het boek #MeToo in de zorgrelatie (Boom, 2023). Ze is werkzaam als inspecteur coördinator seksueel grensoverschrijdend gedrag in de zorgrelatie bij de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd. Als gz-psycholoog werkte ze jarenlang met plegers en slachtoffers van seksueel geweld.
Bronnen
1. https://www.igj.nl/over-ons/igj-in-cijfers/cijfers-over-meldingen/ cijfers-meldingen-seksueel-grensoverschrijdend-gedrag
2. https://www.igj.nl/onderwerpen/seksueel-grensoverschrijdendgedrag/ documenten/rapporten/2023/06/14/factsheet-sgog-ggz-enforensische- zorg
3. Clemens V, Brähler E, Fegert JM. #patientstoo – Professional sexual misconduct by healthcare professionals towards patients: a representative study. Epidemiol Psychiatr Sci. 2021 Jun 21;30:e50. doi: 10.1017/ S2045796021000378. PMID: 34402421; PMCID: PMC8220485.
4. Martin, G. M., & Beaulieu, I. (2024). Sexual Misconduct: What Does a 20-Year Review of Cases in Quebec Reveal about the Characteristics of Professionals, Victims, and the Disciplinary Process? Sexual Abuse, 36(5), 511-545. https://doi.org/10.1177/10790632231170818
5. Halter, M., Brown, H., & Stone, J. (2007). Sexual boundary violations by health professionals–an overview of the published empirical literature. Council for Healthcare Regulatory Excellence.
6. Vesentini L, Van Puyenbroeck H, De Wachter D, Matthys F, Bilsen J. Sexual Feelings Toward Clients in the Psychotherapeutic Relationship: The Taboo Revealed. Qualitative Health Research. 2021;31(5):999-1011. doi:10.1177/1049732321990654
Dit artikel kun je terugvinden in het VGCt magazine op pagina 26.
