Man vermijdt hond

Terugblik op de eigen bekwaamheidsproef

door VGCt
6 minuten leestijd

Wie de opleiding tot cgt’er volgt, bewijst zijn of haar bekwaamheid onder meer met een N=1. In deze rubriek blikt een cgt’er terug op de eigen bekwaamheidsproef.

Saskia de Bruin

Functie:
gz-psycholoog i.o. tot specialist

Werk:
Saskia is gz-psycholoog in opleiding tot specialist (GIOS) bij Pro Persona. Ze werkt vooral met schematherapie, cognitieve gedragstherapie en EMDR bij cliënten met persoonlijkheidsproblematiek, angst en trauma. Ze is in haar laatste opleidingsjaar. 

Philip is een 19-jarige man die zich bij Saskia meldde met dwangklachten en intrusieve beelden van de achterkant van zijn hond, waarbij hij bang is om seksueel opgewonden te raken door zijn hond. Deze klachten houden hem de hele dag bezig en hebben smetvrees, somberheid, en verschillende vormen van veiligheids- en vermijdend gedrag tot gevolg. 

Op veel plekken in huis gaat Philip niet meer zitten, omdat de hond daar mogelijk is geweest. Hij vermijdt ieder direct en indirect contact met de hond, uit angst dat het seksuele opwinding oproept. Voor de zekerheid wast hij zijn handen veelvuldig en doucht hij meerdere keren per dag. Hij is ondanks zijn klachten wel actief met zijn opleiding tot schilder, zijn hobby’s en zijn vriendin. De toename van klachten in het afgelopen half jaar zijn mogelijk te verklaren door het ontstaan van de relatie met zijn vriendin en de bijbehorende intimiteit. Iedere associatie met seksualiteit veroorzaakt spanning en angst.  

Confrontatie

Om het vermijdende gedrag en daarmee de klachten te laten afnemen start Saskia de behandeling met exposure met responspreventie (ERP) gericht op alle handelingen waarmee Philip seksuele opwinding en intrusieve beelden van zijn hond denkt te voorkomen. In eerste instantie ligt de nadruk op het verminderen van douchen en handen wassen. In de exposure raakt hij allerlei voorwerpen aan die hij met zijn hond associeert en wordt de angstige verwachting ‘ik zal opgewonden raken’ gefalsificeerd. Vervolgens wordt Philip blootgesteld aan andere stimuli die angst oproepen: beelden van achterkanten van honden en naast zijn hond op de bank zitten. Ook moet hij meerdere keren per dag oefenen met het beluisteren en hardop uitspreken van woorden die met seksualiteit te maken hebben, zoals ‘erectie’. Op die manier leert hij deze dingen als iets veiligs en normaals zien. Daarnaast besteedt Saskia aandacht aan psycho-educatie over angst, dwangklachten en seksualiteit, om te normaliseren en zijn inzicht in de behandeling te vergroten. 

Behoefte aan steun

Philip gaat thuis aan de slag, maar al snel wordt duidelijk dat hij veel behoefte heeft aan ondersteuning in het oefenen. Na twee weken behandeling wordt hij opgenomen vanwege verhoogde spanning en suïcidaliteit. In de vier weken dat hij is opgenomen gaan Saskia en Philip nog intensiever samen aan de slag. Hij heeft veel vertrouwen in Saskia en met veel begeleiding gaat het oefenen goed. Als hij echter weer naar huis gaat vindt hij het lastig om de oefeningen alleen te doen. Buiten de ERP past Saskia cognitieve elementen toe in de behandeling, maar dit lijkt minder goed aan te slaan.  

Effect

Na twaalf weken behandeling zijn de dwanggedachten en intrusies niet afgenomen. Tussendoor, in de periode van intensieve begeleiding, was er wel tijdelijke verbetering maar aan het einde lijken de intrusies van Philip terug bij af. Saskia verwijst Philip daarom door voor deeltijdbehandeling bij een specialistisch centrum voor dwangklachten. Wel heeft de ambulante behandeling gezorgd voor een afname van het aantal dwanghandelingen: Philip wast zich minder vaak. En waar hij in het begin het woord ‘erectie’ niet over zijn lippen kreeg, kan hij nu sommige seksueel gerelateerde woorden uitspreken. Ook is zijn overtuiging ‘ik ben niet normaal’ afgenomen van tachtig procent naar veertig procent. 

Terugblik

Terugkijkend denkt Saskia dat het had kunnen helpen om Philips moeder (hij woont nog thuis) en vriendin meer bij de behandeling te betrekken. “Dat wilde hij niet, vanwege schaamte. Maar omdat hij moeite had om thuis alleen te oefenen, denk ik dat dit van meerwaarde was geweest. Ik had iets meer kunnen aandringen hierop, want hij had iemand nodig om hem te ondersteunen bij het oefenen. Door de manier waarop ambulant werken is ingericht kon ik hem ook niet thuis helpen. Daarnaast zijn we in het begin nogal voortvarend aan de slag gegaan met oefenen, terwijl hij vanuit schaamte nog niet zijn hele verhaal had gedeeld. Hierna bracht ik het tempo wat terug en focuste ik me meer op het opbouwen van een vertrouwensrelatie. Hierbij merkte ik dat mijn rust en begrip van meerwaarde was. Hierdoor durfde hij in mijn aanwezigheid dingen uit te proberen en overwon hij een deel van zijn schaamte. We hebben een goede start gemaakt en ik denk dat een deeltijdbehandeling waarbij hij intensieve begeleiding krijgt heel geschikt is voor hem.”  

Misschien ook interessant voor jou