In cognitieve gedragstherapie (CGT) gebruiken therapeuten vaak de bril-metafoor om kinderen, jongeren en hun ouders te helpen begrijpen hoe gedachten invloed hebben op hoe je situaties ziet en beleeft. De metafoor werkt als volgt: je gedachten zijn als een bril waardoor je naar de wereld kijkt. Soms is die bril gekleurd door negatieve of angstige gedachten. Door bewust ‘een andere bril op te zetten’, leer je om situaties op een andere manier te bekijken — bijvoorbeeld positiever, realistischer of met meer begrip.
Naast het analyseren van betekenissen (waarbij je samen onderzoekt waarom iemand iets denkt of voelt), helpt de bril-metafoor ook bij betekenisverkenning. Dat betekent dat je samen met het kind of de jongere — vaak spelenderwijs — op zoek gaat naar nieuwe manieren om naar situaties te kijken. Die nieuwe betekenissen kunnen het leven begrijpelijker en prettiger maken.
Deze manier van werken sluit goed aan bij de derde generatie CGT, zoals Relational Frame Theory (RFT) en Acceptance and Commitment Therapy (ACT). Daarom volgen er in de tekst voorbeelden van oefeningen met de bril-metafoor die uit deze stromingen komen.
🖨️ Download printervriendelijke versie
👓 Download alleen de bril (zonder instructie)
Kernprincipes van de bril-metafoor
- Iedereen beleeft situaties anders, beïnvloed door gedachten en gevoelens.
- Gedachten zijn geen feiten, maar persoonlijke interpretaties van wat er gebeurt.
- Je kunt oefenen met het innemen van andere perspectieven, bijvoorbeeld door je af te vragen: “Wat zou een ander hierover denken of zeggen?”
Het werkblad helpt kinderen en jongeren om automatische gedachten te herkennen en om helpende overtuigingen te ontwikkelen. De bril-metafoor maakt zichtbaar dat je op verschillende manieren naar een situatie kunt kijken — alsof je even een andere bril opzet. Zo ontdekken kinderen dat ze verder kunnen kijken dan hun eerste gedachte: beyond belief. Ouders en therapeuten kunnen de metafoor ook gebruiken om empathie en perspectiefname binnen het gezin te stimuleren.
Gebruiksaanwijzing voor therapeuten
Bespreek samen met het kind een situatie waarin het zich boos, bang, blij of verdrietig voelde. Vul eerst de ‘vaste bril’ in: dit is de automatische gedachte die het kind in die situatie had. Kies daarna samen een andere bril om een nieuw perspectief te verkennen.
Afhankelijk van de leeftijd en het ontwikkelingsniveau van het kind kan deze nieuwe bril ook creatief worden vormgegeven — bijvoorbeeld door hem te knutselen en te versieren. Dit maakt de oefening speels en visueel. Bespreek na afloop hoe het nieuwe perspectief invloed heeft op het gevoel of gedrag van het kind. Zo wordt inzicht en verandering op een veilige en toegankelijke manier mogelijk gemaakt.
Hieronder worden verschillende werkvormen toegelicht, afgestemd op de ontwikkelingsfase van de doelgroep:
- Kleuters (4–6 jaar)
- Schoolkinderen (6–12 jaar)
- Jongeren (12–18 jaar)
- Ouders en verzorgers
Elke werkvorm sluit aan bij de belevingswereld en het begripsniveau van de doelgroep, zodat de bril-metafoor op een passende en effectieve manier ingezet kan worden.
Extra tip: Maak de bril extra mooi en laat kinderen hem mee naar huis nemen als symbool: “Ik kan altijd een andere bril opzetten om anders te kijken.”
👶 Kleuters (4–6 jaar)
Doel: Spelenderwijs kennismaken met veranderbare gedachten via fantasierolspel.
Voorbeeld
- Situatie: Sam durft niet naar de dokter.
- Vaste bril – automatische gedachte: “Het gaat pijn doen.”
- Nieuwe bril: Zet de dierenartsbril op. Jij bent nu de dokter voor deze knuffel. Wat zeg jij tegen de knuffel?
- Helpende gedachte na bril-metafoor: “De dokter wil me helpen. Ik kan het proberen met mama erbij. Ik ben dapper!”
Werkvorm 1: “Wat ziet de bril?”
- Materiaal: Werkblad ‘de bril”, poppen of prentenboek.
- Instructie: Laat het kind de bril opzetten en naar een situatie kijken (bijvoorbeeld een plaatje van een ruzie of een blije verjaardag).
- Vraag:
- “Wat zie jij nu?”
- “Wat zou een ander kind zien als die deze bril opzet?”
- Doel (RFT): Oefenen met ik-jij en zien-denken kaders.
Werkvorm 2: “Emotiebrillen”
- Materiaal: 4x Werkblad ‘de bril”: ,eerdere brillen in verschillende kleuren (rood = boos, blauw = verdrietig, zwart = bang, geel = blij).
- Instructie: Laat het kind een bril opzetten en vertellen hoe de wereld eruitziet door die bril.
- Vraag:
- “Wat denk je als je de rode bril op hebt?”
- “Hoe voelt het met de blauwe bril?”
- Doel (ACT): Leren dat gedachten en gevoelens komen en gaan — ze zijn niet de waarheid.
🧒 Schoolkinderen (6–12 jaar)
Doel: Herkennen en uitdagen van negatieve gedachten, met focus op emotionele situaties.
Voorbeeld
- Situatie: Yara mist haar opa die is overleden.
- Vaste bril – automatische gedachte: “Ik mag niet huilen, dat maakt mamma ook verdrietig.”
- Nieuwe bril: Zet de liefste juf-bril op. Wat zou jouw allerliefste juf tegen jou zeggen als ze ziet dat je moet huilen en mamma misschien ook moet huilen?
- Helpende gedachte na bril-metafoor: “Verdrietig zijn is oké. Het betekent dat ik veel van opa hield, en mamma ook.”
Werkvorm 1: “Denkbrillen tekenen”
- Materiaal: 2x Werkblad ‘de bril”, afbeeldingen van hoofd met ‘denkbubbel’
- Instructie: Laat het kind een situatie tekenen waarin twee mensen verschillend naar iets kijken. Plak een uitgeknipte bril boven elk hoofd en schrijf in de ‘denkbubbel’.
- Vraag:
- “Wat denkt deze persoon?”
- “Wat denkt de ander?”
- Doel (RFT): Inzicht in perspectieven als relationele constructies: “ik zie dit, jij dat”.
Werkvorm 2: “De bril van een ander”
- Materiaal: Werkblad ‘de bril”
- Instructie: Laat het kind de bril opzetten en spelen dat ze iemand anders zijn (bijv. hun beste vriend, hun juf, iemand die gepest wordt).
- Vraag:
- “Wat denkt deze persoon?”
- “Wat zou jij zeggen als jij hem of haar was?”
- Doel (ACT/RFT): Zelf-als-context; loskomen van het eigen perspectief.
👦 Jongeren (12–18 jaar)
Doel: Zelfstandig reflecteren en oefenen met perspectiefname.
Voorbeeld
- Situatie: Aïsha moet haar gevoelens delen in een groepssessie.
- Vaste bril – automatische gedachte: “Iedereen vindt me raar en gaat me uitlachen.”
- Bril-metafoor: Zet de empathiebril op. Je kijkt nu met deze bril naar iemand die een presentatie gaat doen en het spannend vindt. Wat denk je?
- Helpende gedachte na bril-metafoor: “Anderen zijn ook zenuwachtig. Ze begrijpen me.”
Werkvorm 1: “Mijn bril, jouw bril”
- Materiaal: Werkblad ‘de bril” (zoveel als er personen zijn in de sessie)
- Instructie: Laat jongeren hun bril personaliseren (met woorden, patronen of kleuren die hun kijk op de wereld symboliseren). Wissel brillen uit en schrijf op wat de inzichten zijn van het dragen van een andere bril.
- Vraag:
- “Hoe denk je dat deze persoon de wereld ziet?”
- “Wat zou jij voelen met deze bril op?”
- Doel (ACT): Versterken van zelf-als-context en empathie.
Werkvorm 2: “De innerlijke stem door de bril”
- Materiaal: 2x Werkblad ‘de bril”: gekleurde bril voor je eigen ‘innerlijke stem’ en een gekleurde bril voor een ‘andere stem’.
Instructie: Zet de bril op en schrijf op wat je ‘innerlijke stem’ zegt in lastige situaties (“Ik ben niet goed genoeg”, “Dit lukt toch niet”). Vervolgens zet je de andere bril op (bijv. een ‘vriendenbril’) en schrijf je op wat een goede vriend(in) zou zeggen.
- Vraag:
- “Welke automatische, negatieve gedachten geeft jouw ‘innerlijke stem’?”
- “Wat zegt de ander tegen jou? Zijn dit negatieve of helpende gedachten?”
- Doel (ACT): Oefening in defusie — gedachten zijn niet altijd waar of helpend.
👩 Ouders / Verzorgers
Doel: Inzicht krijgen in het perspectief van andere gezinsleden en empathie vergroten.
Voorbeeld
- Situatie: Ouders ergeren zich dat hun kind niet aan zijn huiswerk begint.
- Vaste bril – automatische gedachte: “Hij is lui”
- Bril-metafoor: Zet de kinderbril op. Hoe is het voor jou als kind om niet aan het huiswerk te beginnen.
- Helpende gedachte na bril-metafoor: “Misschien voelt hij zich overweldigt en weet hij niet waar te beginnen. Ik kan hem helpen”
Werkvorm 1: “Kijk eens door een andere bril”
- Materiaal: 2x Werkblad ‘de bril”: bril voor ouder, bril voor kind.
- Instructie: Laat ouder en kind allebei de bril inkleuren in hun “eigen kleuren”.
- Vraag:
- “Hoe zag jij deze situatie als ouder?”
- “Hoe dacht of voelde je kind zich denk je?”
- “Welke bril wil je vaker opzetten als ouder?”
- Doel: Bewust worden van ieders perspectief (zelf-als-context & deictische relaties)
Werkvorm 2: “Waardenrbil”
- Materiaal: Werkblad ‘de bril”
- Instructie: Teken of kleur een bril die staat voor de ouder die je wilt zijn. Laat ouders woorden schrijven op de bril die hun kernwaarden als ouder vertegenwoordigen (bijv. “geduld”, “liefde”, “respect”).
- Vraag:
- “Hoe kan deze bril je helpen om te reageren zoals je wilt, ook als het moeilijk is?”
- Doel (ACT): Gedrag afstemmen op opvoedingswaarden
Werkvorm 3: “Stormbril vs. Kalme bril”
- Materiaal: 2x Werkblad ‘de bril”: stormbril en kalme bril
- Instructie: Laat ouders 2 brillen kleuren: De “stormbril” en de “kalme bril”:
- Vraag:
- “Hoe zie je dingen als je ontspannen en verbonden bent? En hoe ziet de wereld eruit als je boos, gestrest of gefrustreerd bent?”
- “Hoe heeft deze bril invloed op hoe je je kind ziet en benadert?“
- Doel: Emotieregulatie via zelfobservatie (zelf-als-context)
Literatuurlijst
Reijmers, E., Cottyn, L., & Faes, M. (2009) Spelen met werkelijkheid. Systeemtheoretische psychotherapie met kinderen en jongeren. Boom: Amsterdam
McHugh, L., & Stewart, I. (2012). The self and perspective taking: Contributions and applications from modern behavioral science. Oakland, CA: New Harbinger Publications.
McHugh, L., Stewart, I., & Luciano, C. (2019). A contextual behavioral guide to the self: Theory and practice. Oakland, CA: New Harbinger Publications.
Törneke, N. (2010). Learning RFT: An introduction to relational frame theory and its clinical application. Oakland, CA: New Harbinger Publications.
Zettle, R. D., Hayes, S. C., Barnes-Holmes, P. M. D., & Biglan, A. (Eds.). (2016). The Wiley handbook of contextual behavioral science. West-Sussex, UK: Wiley-Blackwell.
Rehfeldt, R. A., & Barnes-Holmes, Y. (2009). Derived relational responding: Applications for learners with autism and other developmental disabilities. Oakland, CA: New Harbinger Publications.
Harris, R. (2020). ACT in de praktijk: Geheel herziene en uitgebreide editie. Amsterdam: Hogrefe.
Whittingham, K., & Coyne, L. W. (2019). Acceptance and commitment therapy: The clinician’s guide for supporting parents. London: Academic Press.